Curator is spil in krachtenveld van conflicterende belangen

 

Curator is spil in krachtenveld van conflicterende belangen.

Bij een faillissement is er per definitie sprake van teleurgestelde partijen. Crediteuren krijgen hun vorderingen niet volledig betaald, werknemers verliezen hun baan, contracten worden beëindigd en lopende projecten vallen stil. Banken schorten kredietlijnen op en maken aanspraak op hun zekerheden. In dit spanningsveld van conflicterende belangen opereert de curator, benoemd door de rechtbank om de boedel te beheren en de schade voor alle betrokkenen zoveel mogelijk te beperken.

In het artikel van Kreling en Wester in NRC van 9 februari 2026 wordt een eenzijdig beeld geschetst van curatoren en het faillissementsrecht. Als INSOLAD, de vereniging van ruim 700 gespecialiseerde insolventierechtadvocaten, willen wij daar nuance in aanbrengen.

Op het moment dat de curator wordt benoemd, kent hij het gefailleerde bedrijf niet. Slechts in zeer uitzonderlijke gevallen krijgt hij of zij een weekend om zich in te lezen en vooraf een beeld te vormen, zodat min of meer bekend is waar snel op geacteerd moet worden. Want dat is essentieel: snelheid. Op het moment dat het faillissement door de rechtbank wordt uitgesproken willen werknemers, leveranciers en klanten allemaal tegelijkertijd weten waar ze aan toe zijn. En (heel) vaak zijn bezittingen die er nog zijn, verpand aan de bank. Dat vergt ontzettend veel tijd en aandacht. De curator moet in dit complexe krachtenveld snel handelen en tegelijkertijd zorgvuldig te werk gaan. Dat vergt in grotere zaken een team van specialisten en dat brengt kosten met zich mee.

Die kosten zijn echter geen doel op zich, maar middelen om waarde te creëren of schade te beperken. Zoals ook in het NRC-artikel wordt erkend, zijn bij grote en complexe faillissementen zoals Imtech en DSB aan schuldeisers substantiële uitkeringen gedaan. Dat gebeurt niet vanzelf, maar is het resultaat van vakkundig en toegewijd werk door gespecialiseerde curatoren. Soms is procederen daarbij onvermijdelijk om gelden terug te halen voor de boedel. Voor het starten van een procedure heeft de curator overigens altijd toestemming nodig van een rechter-commissaris, en dat is – zeker in tijdrovende en complexe zaken – geen formaliteit. 

Tegelijkertijd erkent INSOLAD dat het systeem verbeterpunten kent. Wij pleiten al langer voor modernisering van het toezicht. Een fundamenteler vraagstuk betreft de rol van de overheid. In Nederland komt de afwikkeling van faillissementen geheel voor rekening van de boedel, dus de schuldeisers. Uit het WODC-rapport van vorig jaar blijkt dat curatoren jaarlijks circa € 8 miljoen moeten afschrijven omdat boedels onvoldoende verhaal bieden. Dit is de "lege boedelproblematiek" waar de overheid tot op heden geen oplossing voor biedt.

Het is van belang om onder ogen te zien dat in ieder faillissement partijen teleurgesteld worden. Dat is inherent aan de situatie: er is immers onvoldoende geld om iedereen te betalen. Maar verwijten aan het adres van de curator moeten wel in de juiste context geplaatst worden. De curator handelt niet in het belang van één teleurgestelde individuele crediteur, maar in het belang van alle, de ‘gezamenlijke’ schuldeisers. Dat botst soms. Toch is de curator geen partij in dit conflict, maar een door de rechtbank benoemde neutrale afwikkelaar die binnen het wettelijk kader probeert de schade voor alle betrokkenen zo beperkt mogelijk te houden. Dat is werk dat vakmanschap, toewijding en soms ook moed vereist.

Bart Louwerier
Voorzitter INSOLAD (Vereniging van Insolventie Advocaten)
 
 
Top